Algemeen

Logo Hallebardiers - ZwaardvechteVele mensen denken bij zwaardvechten spontaan aan beelden die hen in het geheugen gegrift zijn door films: ridders die woest op elkaar inhakken, zonder enige vorm van techniek,… Hierdoor heeft zwaardvechten in de 21ste eeuw bij velen een kwalijke reputatie en wordt het als een bruut, gewelddadig en ongecontroleerd ‘meppen’ gezien.  Dat is jammer want zwaardvechten is veel meer dan dat…

Al in de Ilias van Homeros (8ste eeuw v.Chr.) is er sprake van het gebruik van zwaarden in de strijd… dus het zwaard heeft een erg lange geschiedenis achter de rug.  Bij ons wordt het echter spontaan geassocieerd met de ‘riddertijd’… en in films krijgt het – ondanks zijn bruut karakter – welhaast mythische proporties… Hoeveel historische (en fantasy-) films zijn er niet die eindigen met een spectaculair zwaardduel dat minutenlang duurt en eindigt met de heldhaftige overwinning van de koene ridder?  Opnieuw een fout, want een echt zwaardduel was wellicht in enkele slagen al voorbij…

Mensen denken vaak dat zwaarden log hanteerbaar zijn en dat ze ettelijke kilo’s wegen… vandaar ook het gebruik met twee handen.  Om nog maar te zwijgen over tal van andere goedkope clichés over middeleeuwse wapens en wapenrustingen, die we hier slechts kort willen aanhalen: ridders die omvielen met hun harnas konden niet meer recht staan, kruisboogpijlen drongen door harnassen,… en zwaarden wegen loodzwaar… In werkelijkheid weegt (en woog) een anderhalfhandig zwaard nooit meer dan twee kilo… Het gebruik met twee handen is bedoeld om de techniek nog meer te verfijnen en heeft helemaal niets te maken met het gewicht van het zwaard.

Zwaardvechten is een verfijnde sport, beoefend met een goed uitgebalanceerd, en perfect in de hand liggend wapen.  Meer nog: zwaarden waren in de middeleeuwen vaak onbetaalbaar voor de gewone man én een goed kwaliteitszwaard vandaag kost ook al snel tegen de 400 euro…

We zullen wellicht nooit exact weten hoe een zwaardgevecht er precies aan toeging, hoewel de stand van het wetenschappelijk onderzoek in een erg vergevorderd stadium zit.  Toch kunnen we erg veel weten over het middeleeuwse zwaardvechten dank zij het bestaan van een dertigtal ‘Fechtbücher’ geschreven door ‘Fechtmeisters’.  Dit waren al of niet professionele meesters die soms een eigen school hadden of al rondtrekkend hun lessen gaven aan mensen die hun lessen wilden betalen.   De 14de eeuwse Johannes Liechtenauer is ongetwijfeld de belangrijkste van die meesters, zijn invloed bleef tot in de 17de eeuw gelden en vele andere vechtmeesters baseerden zich op zijn verzen.  De beroemdste (en beste?) van die navolgers leefden in de 15de eeuw… de ultieme eeuw voor het zwaardvechten: een tijdperk trouwens waarin een even romantisch beeld bestond over ridders als wij dat vandaag hebben… maar dat is voer voor een heel andere discussie.


Jonge ridder leer:
bemin God en houd dames in eer.
Zo groeit jouw eigen eer nog meer,
oefen als ridder en studeer
die kunst die je verheft tot held
en roem brengt op het slagveld.
Geef verslappen in het worstelen geen kans,
Zwaard, lang mes, speer en lans,
moet je als een echte man hanteren
en van vijandige handen pareren.
Sla in een opening en verlies geen tijd,
Loop in, tref doel, zorg dat het wapen langs je glijdt.
Wijze mannen moeten weinig weten,
van hij die slechts verdedigend slaat!
Dat mag je zeker niet vergeten:
Alle kunsten hebben lengte en maat.

 

Johannes Liechtenauer, 14de eeuws zwaardmeester
(hier in een Nederlandse vertaling uit het Oudduits)